|
Kleur is voor mij het meest fascinerende
van alles. Als ik ooit met pensioen zal gaan, wil ik mijn eigen restje tijd
besteden aan onderzoek naar kleur. Naar hoe mensen kleur zien, hoe zij
kleur beleven. Naar Goethe’s
kleurenleer. Naar de zweverige gedachtenspinsels van Liane Collot-d’Herbois. Naar,
naar,…. naar Alles. Want alles is kleur.
Eén van mijn eerste confrontaties met de
waarheid, dat wij ieder voor zich in een werkelijkheid leven die wij maar
tot op zekere hoogte delen met de werkelijkheid van anderen, was toen mijn
lief en ik ruzie kregen over de kleur van haar jurk. Een turquoise jurk.
Volgens haar was die jurk groen, volgens mij blauw. En ja, inmiddels weet
ik ook dat ruzie altijd gaat over gelijk hebben en niet over de waarheid.
Jaren later wilde mijn jongste dochter
haar kamer een nieuw kleurtje geven: drie tinten turquoise. Getweeën togen
wij naar de verfwinkel en kwamen terug met haar drie kleuren: drie kleuren
groen. Mintgroen, ik weet het bijna zeker. In ieder geval verre van blauw.
Een kind van haar moeder, zeg je dan.
Ach, neem nu de kleur van wijn! Hoe zag Homerus die turquoise
Middellandse Zee, toen hij haar ‘oinopa ponton’ (‘het
wijn-ogend diep’) noemde? Blauw? Schuimend? Donker? Fonkelend? Maar
Homerus was toch blind? Smaakte
zijn wijn dan misschien turquoise?
Over witte wijn zijn wij het in Europa
redelijk eens. Ook de druiven waarvan die meestal gemaakt wordt noemen we ‘wit’.
En niemand stoort zich eraan, dat die eigenlijk groen zijn en de wijn
eerder goudgeel. Of strogeel. Geelgroen?
Rode wijn wordt gemaakt van blauwe
druiven. In Frankrijk noemt men de druiven ‘noir’ en de wijn ‘rouge’.
Op Sicilië zijn beide ‘nero’: als een neger. In Griekenland ‘mavro’:
als een Moor. Maar zijn Afrikanen nu blauwzwart of bruinzwart?
Alle kleuren van de regenboog, dat zijn er
maar drie, als je goed kijkt: rood, geel en groen. En wie wordt er nu bang,
omdat het niet de elementaire kleuren rood, geel en blauw zijn? Een drukker
maakt van cyaan, geel, magenta en zwart elke kleur die je maar wilt. Het
beeldscherm waar u op dit moment naar kijkt, doet hetzelfde met rood, groen
en blauw: minimaal 256 en maximaal miljoenen kleuren.
Kijken we naar mensen, dan hebben we
niets meer aan een computer. Miljarden kleuren bestaan alleen in het echt.
Of wij ze kunnen onderscheiden, is iets anders. Als het bijvoorbeeld om
gender gaat, zien wij misschien wel alle kleuren, maar we benoemen er slechts
twee. Voor deze gelegenheid niet zwart en wit, maar blauw en groen. Waarom die
kleuren? Omdat mij dan iets duidelijk wordt: kennelijk oog ik turquoise.
Dat wil zeggen: blauw, als je het mij vraagt. Maar kijk niet gek op als je
iemand treft die mij toch echt als groen ziet. En daarvoor hoeft zo iemand
niet eens van Mars te komen.
*
Janiek Kistemaker schrijft ook voor het weblog van tijdschrift Lover
en voor webmagazine het Continuum.
Deze column verscheen eerder op haar eigen weblog “Janiek blogt ook wel eens”.
Foto bovenaan deze pagina: sieraad van Astrid Schutten-Berends.
|